Publiek/private lessen uit Merwede

juni 25, 2020

Terwijl Amsterdam de eerste concrete stappen zet voor grootschalige herontwikkeling van de Sloterdijken, is ook Utrecht vergevorderd met de transformatie van de oude binnenstedelijke industriewijk Merwede. Lingotto is actief betrokken bij die ontwikkeling. Aan Lingotto-partner Martijn Bakker vroegen wij wat er voor HavenStad te leren valt van de publiek/private aanpak waar in Utrecht voor gekozen is. Volgens Bakker wordt in Merwede gekozen voor een intensieve samenwerking van gemeente en private belanghebbenden per ontwikkelblok, waarbij de belangen worden samengebracht in een gezamenlijke PPS constructie. Martijn Bakker merkt er tegelijk bij op dat het in Merwede met 24 ha om een aanzienlijk kleiner ontwikkelgebied gaat dan in HavenStad aan de orde is. Toch valt ervan te leren, vooral van de kritische massa die door de samenwerking gerealiseerd kan worden.

Kwaliteit voorop

In de publiek/private aanpak van Merwede is de Gemeente verantwoordelijk voor het tijdig bouw en woonrijp maken van het ontwikkelgebied. Het betreft de investering in bovenwijkse voorzieningen. Gedacht moet worden aan bruggen, parken, Openbaar Vervoer enzovoorts. De geschatte kosten hiervan bedragen € 80 mln. Dit bedrag wordt, aldus Martijn Bakker, opgebracht door de private partijen vanuit de vastgoed exploitatie. De gemeente zal dat vervolgens risicodragend overnemen. Permanente kwaliteitsbewaking staat voorop. Partijen richten ten behoeve van de borging van afspraken zowel een kwaliteitsteam (Q-team) als een checkteam (C-Team) op.

Het woningbouwprogramma

Martijn Bakker geeft aan dat ruim de helft van de woningen in Merwede gerealiseerd zal worden in de door de Gemeente voorgeschreven segmenten. Binnen het totale woningbouwprogramma is 55% gereguleerd, te weten met 30% sociale huur en 25% middensegment (oftewel 6000 woningen in dit laatste segment). “Daar hoef je als ontwikkelaar niet altijd gelukkig mee te zijn, maar dat biedt ook wel weer houvast, moet er eerlijk bij gezegd worden,” aldus Martijn Bakker.
Duurzaamheid staat in het programma hoog op de agenda. Het doel dat door alle betrokkenen wordt onderschreven is het maken van een zo goed mogelijke stad. Die opdracht is belegd bij het Living Lab. In het Living Lab bewaken de partijen de gedeelde ambities op gebied van respectievelijk duurzaamheid, circulair gezond, stedelijk leven en social design. Voortdurend wordt in het Living Lab gezamenlijk gezocht naar innovatie en mogelijkheden om de lat steeds hoger te leggen.

De Mobiliteit

Voor mobiliteit en parkeren werken partijen voor gezamenlijke rekening en risico een businessplan uit, wat voor 1 maart 2020 gereed diende te zijn. Om mobiliteitsgedrag te sturen is een integraal mobiliteitsconcept randvoorwaardelijk gesteld. Stimuleren van lopen en fietsen, en gebruik van OV zijn daarin opgenomen. De parkeernorm is bepaald op 0,3 parkeerplaats per woning. Compensatie worden gezocht in deelauto’s, parkeren op afstand en hoogwaardige OV. De algehele deelmobiliteit wordt georganiseerd via een digitaal platform

Kritische massa

De overeenstemming tussen publiek en privaat heeft voor de herontwikkeling als belangrijkste gevolg dat er kan worden gewerkt met een kritische massa. Door het samenbrengen van alle belangen in de samenwerking is een beter plan, een groter programma en daarmee een betere businesscase ontstaan. “Het is vooral een traject van de lange adem,” aldus Martijn Bakker. “Maar de samenwerking gaat goed en wordt binnenkort geformaliseerd”.